Esthers eigen verhaal (fragmenten deel 1)

Introductie

Aline Terpstra, GZ-psycholoog en behandelaar van Esther, 21 februari 2021

Hier vind je fragmenten van het ongepolijste verhaal van Esthers leven zoals zij dat zelf geschreven heeft. Zij heeft heel veel meer geschreven en het totaal van haar levensverhaal is veel complexer, maar voor op de website is er voor dit moment voor gekozen om een aantal herinneringen van haar eerste 10 levensjaren te publiceren en één herinnering uit de vroege volwassenheid.  Ook al is dit maar een klein deel van haar levensverhaal, het is een uitermate schokkend en huiveringwekkend relaas. In de artikelen onder ‘behandeling van Esther’ heb ik uitvoerig uitgelegd waarom ik Esthers verhaal geloof. Als je denkt: maar dat past helemaal  niet in één leven, zoveel lijden, dan heb je helemaal gelijk. Dat past ook niet. Vandaar dat Esther, net als vele andere slachtoffers, van binnen in stukjes verdeeld is geraakt. En (nog) niet een geheel is van één persoon met een samenhangend ik-gevoel, maar een persoon die plek geeft aan vele delen met ieder een eigen ik-besef en eigen stukje levensgeschiedenis.

De daders zijn geanonimiseerd, evenals andere betrokkenen en andere kenmerken die te gemakkelijk herleidbaar zijn naar Esther. De namen van  genoemde daders zijn echter allemaal bij haar bekend. Dit betreft ook hooggeplaatsten in binnen- en buitenland. Deze namen liggen klaar, inclusief meer details van hun misdaden en ondersteunende bewijzen, om bij moord op Esther of haar naasten naar buiten gebracht te worden. 

Zoals in de artikelen over de behandeling van Esther is beschreven, hebben verschillende persoonlijkheidsdelen verschillende (stukjes van) herinneringen vastgehouden. In het verwerkingsproces komen die stukken steeds meer bij elkaar. Sommige van de herinneringen zijn eerst los opgeschreven, waarbij de verschillende alinea’s heel duidelijk door verschillende delen geschreven waren: sommige in fonetisch schrift en heel kinderlijk, andere stukken in het Engels of vrijwel perfect Nederlands. Als de verwerking vorderde en de volwassen delen de emoties en ervaringen van de kinddelen tot zich lieten doordringen, werd het één doorlopende herinnering in gewone taal. In dit rauwe verslag zie je soms nog iets van dit proces terug doordat in sommige gedeelten van een verhaal de spelling beter is dan in andere stukken en doordat er een stuk in het Engels is geschreven.

In het verhaal van Esther klinken de verhalen door van al die kinderen en volwassenen die ook nu op gruwelijke wijze worden misbruikt in de cult, porno- en (martel)seksindustrie.  Dit gebeurt nu. In ons land en daarbuiten, onttrokken aan ons oog, maar vlak onder onze neus. Niet alleen in huizen en afgelegen schuren, maar ook in kerken, landhuizen, (particuliere) landgoederen en kastelen. Het lezen van Esthers verhaal, en in haar verhaal het enorme leed van vele kinderen en volwassen, kan en mag niemand onberoerd laten.

Een groot deel van de Nederlanders erkende het bestaan van de holocaust pas na afloop van de tweede wereldoorlog. Dat was rijkelijk te laat. Hoeveel meer joden en andere slachtoffers hadden gered kunnen worden als mensen massaal ‘mein kampf’ hadden gelezen en de signalen die er waren, serieus hadden genomen? De geschiedenis hóeft niet te worden herhaald. ‘Het enige wat nodig is voor de triomf van het kwaad is dat goede mensen niets doen’, zei de Franse filosoof Edmund Burke. Maar wat zal er gebeuren als goede mensen massaal hun invloed op hun eigen levensplek ten goede aanwenden?

Leeswaarschuwing

Tegelijk, ik kan me goed voorstellen dat het veel te veel is om in één keer te lezen. Zorg daarin ook voor jezelf: er is niets op tegen het lezen van haar verhaal te verdelen over meerdere dagen.

En ook: er kunnen goede redenen zijn om te besluiten haar verhaal niet of niet helemaal te lezen: bijvoorbeeld als je zelf een slachtoffer bent van sexueel misbruik, (emotionele) verwaarlozing, mishandeling en/of marteling, al dan niet in rituele context, kan Esthers verhaal je onderuit halen.  Ga met zorg met jezelf om en lees het samen met iemand anders of niet/ niet nu. Voor alles is een tijd.

Maar laat de reden niet zijn dat je je comfortabele beeld van onze relatief veilige en eerlijke westerse democratische rechtsstaat niet wilt laten verstoren. Dat is een keuze, een ethische keuze, die gevolgen heeft. Gevolgen voor slachtoffers, die gruwelijk alleen blijven staan, maar ook gevolgen voor het soort samenleving waarin onze kinderen zullen opgroeien.  Ik wil je aansporen ervoor te kiezen om de Esthers van onze samenleving niet alleen te laten vechten. Ze hebben ons nodig! Laten we massaal, op wat voor manier  dan ook – hoe klein het ook lijkt – naast hen staan en voor hen opkomen! Dat is geen liefdadigheid, dat is recht doen. 

Tekening van Esther, persoonlijkheidsdeel Amy (kinddeel)

Esthers verhaal

Esther, 21 februari 2021

0-10 jaar Mijn leven thuis en op school

De bedrijfsbel gaat. Een hard en schel geluid vult mijn oren en ik ben hyperalert in een seconde. Soms elke 30 seconden, soms duurt het minuten, maar die bel blijft maar gaan, de hele dag door.

Als de bel een tijdje uitblijft, weet ik dat we bijna gaan eten. Dat betekend avond en in een ogenblik verlang ik weer aan de bel. De bel die me zo alert houdt, wakker en me laat weten dat het dag is, geen nacht. De bel die me verteld dat alles wat er gebeurd meestal wel van te voren duidelijk is of in ieder geval voorspelbaar. De bel die me verteld dat ik naar school kan, of naar de dieren, waar ik dan uren en uren mee kan knuffelen en praten of me kan verstoppen. Midden in het weiland, in het nachthok van de geiten, ga ik dan liggen en kruip bij ze. Dat ik daar in hun stront lag boeide me niks.

Dat waren de dagen dat ik ruimte had om even weg te zijn of om net te doen of ik elders was en geen tijd. Thuis was het klusjes doen, eten koken, het huishouden. Thuis zat je niet op je luie gat, maar was je aan het werk, in welke hoedanigheid dan ook.

Ik vond werken niet erg, ik was er goed in en had energie voor 10, maar ik had mijn momentjes nodig om te staren en uit te gaan. Ik moest af en toe even de standby knop kunnen indrukken, zodat mijn geest even op zijn gat kon en mijn lichaam even gevoelloos kon zijn zonder pijn te moeten verwerken. Soort resettijd.

Dat leraren me vaak vonden staren verbaasde me niet toen ik dat las terwijl ik ouder was. Ik heb mijn schooltijd niet als vervelend ervaren. Ik was niet een meisje dat altijd gepest werd. Soms wel. Maar er waren ergere gevallen dan ik, ik was schoon, ik droeg schone kleren, maar mijn rapporten vermelden een stil meisje die zich afzondert op het schoolplein, veel staart in de klas en haar werk perfect wil doen. Geen commentaar op leerprestaties, ik was altijd heel erg ijverig, dus waarschijnlijk ook geen reden voor zorgen.

Als ik over mijn kinderen zou horen dat ze afgezonderd op het schoolplein in een hoekje stonden en veel staarden in de klas, dan zou ik aan de bel trekken. Dan zou ik me zorgen maken en uitvissen wat mijn kind nodig heeft. Een gesprek op school, een psycholoog, alles komt al voorbij, maar mijn ouders waren druk. Ze hadden er geen tijd voor. Tenminste, dat waren de redenen die ik altijd had gehoord.

Dirk

We zijn op visite bij Dirk en Froukje. Meestal doen we dat op de zondagmiddag, maar ik weet niet of het nu ook zondagmiddag is. Het is gezellig. Mensen zijn aan het praten, Froukje heeft lekkere dingen op tafel gezet en ik krijg een koekje in mijn handen. Ik wil eigenlijk ook iets van de tafel, maar dat durf ik niet te pakken. Ik loop wat waggel, heb moeite met mijn balans en Dirk roept me, alsof hij super blij is me te zien. Hij doet zijn armen wijd en ik moet naar hem toe lopen. Ik wil eigenlijk niet, maar Piet spoort me aan en zegt, je wilt toch wel even bij Dirk zitten, kom.

Ik luister naar Piet, hij voelt veilig en oke en ik ga naar Dirk zijn armen en Dirk tilt me op. Ik zie Dirk naar me lachen. Hij houdt me vast en zet me keer op keer op zijn schoot. Ik heb mijn buik naar hem gericht en hij zit.

Als hij me steeds weer neerzet en dichter naar hem toe schuift, voelt het hard tussen mijn benen. Hij lacht, ik zie dat hij lacht, maar het doet zeer en hij stopt niet. Ik voel de verwarring door mijn hoofd heen gaan. Ik kijk naar de mensen om me heen en Froukje die aan het praten is, zij lachen ook. De verwarring wordt alleen maar groter.

Terwijl hij doorgaat en niet stopt, kijk ik naar de oranje/bruinachtige lamp boven de tafel. Zo’n ouderwetse soort kroonluchter met zo’n bruine stoffen kap hangt boven de eikenhouten ronde tafel. Ik voel me gevangen door de kleuren van het licht wat door de kap naar buiten probeert te komen en probeer te ontdekken hoe dat zit. Waarom zie ik wat ik zie. Ik ben mezelf aan het afleiden om de verwarring niet te hoeven voelen van wat er gebeurd.

Een andere keer is het heel druk bij Dirk en Froukje. Er zijn veel mensen. We gaan heel vaak hier op zondag op visite, dat moet. Als Dirk me op schoot wil hebben word het minder leuk. Hij fluistert soms een woordje in mijn oor en soms doet hij me ook pijn. Als ik geen jurk of rok aan heb, word hij boos. Ik moet zorgen dat ik naar de kerk altijd een rok aan heb, een broek kan echt niet. Ik knik. Ik luister altijd braaf, ben een gehoorzaam kind en ga de volgende keer zeuren bij mama om een rok. Of een jurk want dat mag ook.en dan is Dirk blij. Ik wil niet dat Dirk boos op me word. Maar als het zondag is en we naar de kerk gaan wil ik eigenlijk geen rok of jurk aan, want als we dan bij Dirk en Froukje zijn, kan Dirk me pijn doen en iedereen ziet het. Iedereen is erbij en vind het leuk en dat is stom. Als ik dan een broek aan heb kan Dirk er niet bij maar het moet van Dirk. ik zeur toch om de rok.

Hij trekt me op schoot en laat me zo zitten, dat hij met zijn grote handen onder mn rok kan. Meestal krijg ik een handvol met chipjes of nootjes, dan kan ik ook niet tegenstribbelen. maar als ik dan een andere keer kom bij Dirk en Froukje dan krijg ik geen eten meer, want dan heb ik het al gehad op de zondag als ik zo op zijn schoot zit. Dirk heeft het me dan zelf gegeven en gezien dus ik kan ook niet zeggen dat ik honger heb.

Terwijl hij zit te praten met anderen en een ander kind een compliment of vraag geeft, gaat zijn grote hand onder mijn rok en zijn dikke vinger zoekt een weg naar binnen. Hij loopt altijd heel erg te wroeten want kan er niet zo goed bij en kijkt niet want hij praat met andere en doet heel gezellig maar kijkt niet waar de vinger is. ZIjn nagel doet zeer en elke keer ben ik bang dat hij me stuk maakt en ik straks bloedt. Want dan krijg ik straf en heb ik iets fout gedaan en de volgende keer dat ik alleen bij Dirk ben wordt de straf nog erger. Dan heb ik niet genoeg geoefend en ben ik te klein,zo noemt Dirk dat. Als je te klein bent, doet het zeer en krijg je bloed dus je moet groter worden. Dat doe je met je vinger, met een kaarsje, met een dikke stift en dan moet je steeds zoeken naar dikkere en grotere spullen, want dan gaat het goed. Ik geloofde het volledig.

Hij had me beloofd dat wanneer ik goed zou oefenen en niemand het zou zien, ik niet meer met de plug hoef te lopen en te slapen als ik bij hem ben. Dat wilde ik wel heel graag, dus ik deed vaak mijn best.

Maar nu zat ik op zijn schoot, in de grote Dirk stoel, met wel 20 mensen om ons heen en kinderen die langs liepen om iets lekkers te pakken en Dirk zat met zijn vinger in mijn kruis. Ik mocht niks laten merken dat het soms zeer deed, dat hij net even verkeerd zat of een stuk vel meenam en als hij toch goed zat, dat hij opgewonden raakte en zijn kruis groter werd. Niemand mocht wat merken, iedereen lachte en praatte en Dirk ook en ik, ik niet. Ik staarde voor me uit, lachte soms als ik dacht dat dat van me gevraagd werd en wilde zo snel mogelijk weer naar huis. Toch dacht ik altijd dat er met mij iets mis was. Iedereen lachte, iedereen keek en was erbij, alleen ik vond het niet leuk. Ik was gewoon slecht.

Dirk vervolg

De dagen dat ik niet bij mijn Dirk en Froukje was, gingen we op de zondagen, na de kerk alsnog langs bij hen. Het was een verplichting, je ging gewoon.

Als klein meisje, wilde Dirk graag dat ik bij hem op schoot kwam zitten terwijl anderen er ook waren. We werden altijd erg verwend met lekkere dingen als taart en koekjes, maar ik moest wel bij Dirk op schoot zitten.

Ik heb vaak anderen jaloers zien kijken, omdat anderen vaak geen kans kregen bij Dirk te zijn, hierdoor kreeg ik ook vaak opmerkingen als Dirk zijn liefste vriendinnetje enzo, maar die haatte ik. Als ik op Dirk’s schoot zat, was het niet leuk op Dirk zijn schoot zitten. Soms moest ik naar de wc en mijn onderbroek uit gaan doen en deze in de band van mijn rok stoppen, zodat ik hem niet kwijt raakte. Dan kwam ik terug en kon hij er beter bij.

Als een mak schaap luisterde ik keer op keer naar wat hij me opdroeg, al vanaf heel jong. Met Dirk was niet te sollen, ook al leek hij een klein oud mannetje met een lieve glimlach. Ik was vaak met hem op stap.

Naast de momenten overdag, waren de nachten erg eng. Hij kon zomaar elk moment bij mijn bed staan, wanneer ik toch per ongeluk in slaap was gevallen en hij kon me zomaar roepen om bij hem en Froukje in bed te komen liggen, zodat ik kon zien wat hij met Froukje deed.

Vaak moest ik toekijken om vervolgens tussen hun in in slaap te vallen, maar toen ik ouder werd hadden ze ook seks met mij. Soms wurgde Dirk Froukje en moest ik kijken hoelang ze het volhield terwijl hij haar verkrachtte, Als ik te vroeg stop zei, dan deed hij dat bij mij. De ogen van Froukje staan in mij gebrand.

Vanaf een jaar of 4 kwam Dirk regelmatig naar mijn kamer in hun huis. Ik had een eigen kamer waar ook soms voorwerpen neer werden gezet waar ik bang van werd. Zo stond er eens een jampot met ogen om mij in de gaten te houden.

Hij leerde me hoe ik mezelf van onder groter moest maken, ik moest hele dagen met een soort plug lopen en s avonds werd het getest of het al beter lukte om seks te hebben. Ik raakte gewend aan routines en functioneerde daarop. Routines werden mijn controlepunten en mijn houvast. Ik wist wat er ging gebeuren en werd er een soort van gelukkig van. Daarom ging ik extra mijn best doen voor die routine momenten.

Dirk was het soort die altijd onvoorspelbaar was. Je wist nooit op welk moment hij kon omslaan en je wist bijna nooit wanneer je iets fouts had gedaan. Hij had altijd een reden en ik was altijd te dom om deze te begrijpen.

Leren

Ik denk dat ik nog geen 4 jaar was. Dirk had me gebracht naar 1 van zijn vrienden en hij had gezegd dat ik me moest gedragen. Ik moest luisteren naar wat de meneer wilde, maar hij mocht niet in mijn geheime gaatje. Ik had 2 gaatjes. 1 geheime en 1 neukgat. De geheime is alleen voor iets speciaals en wanneer het mij lukt deze te beschermen totdat mijn huwelijksceremonie is, dan word ik eindelijk verheerlijkt.

Ik wist niet wat de woorden betekende, maar ik wist heel goed het verschil tussen de 2 gaatjes en wat ik moest zeggen als iemand toch de verkeerde wilde pakken. Dan moest ik zeggen nee, in naam van Nimanuel. Ik had het zo vaak geoefend.

Het was een keer gebeurd dat iemand het probeerde. Het voelde helemaal aan de verkeerde kant toen hij naar binnen wilde en ik wist instinctief dat dat dat plekje was die ik moest beschermen. Ik had die zin opgezegd, hij was geschrokken en stopte. Het duurde even voordat hij verder wilde met me. Ik moest eerst zijn lollie oplikken.

Deze man was anders dan de mannen die in dat gat wilden. Deze man was teder en wilde niet dat ik zomaar in mijn blootje op het bed ging liggen. Dat wat ik had geleerd van Dirk. Deze man wilde dat ik voor hem ging dansen, dat ik wat dronk uit een heel mooi wijn glas en wilde met me praten.

We zaten op de grond met een pop en een knuffelhond en voerden gesprekken. Hij vroeg me wat ik leuk vond en wat ik lekker vond aan eten en of ik wel eens met een meneer ging vrijen. Ik wist niet wat dat betekende en dat ging hij uitleggen. Hij vertelde hoe het hoort en dat het lekker moet zijn en dat hij me dat gaat leren, omdat hij echt van me houdt.

Ik begon open te staan en enthousiast te worden van binnen en kreeg ondertussen een lollie om op te eten. Hij vertelde wat de lollie voor mij betekende en wat dat voor mannen betekende en dat ik daar goed aan moet denken, wanneer ik ze help met hun lollie als ze dat willen. We gingen oefenen en ik luisterde heel goed. Alles deed hij heel zachtjes en voorzichtig en elk stapje ging echt stap voor stap. Ik voelde me vrij om aan te geven wat ik wilde en wat niet en stelde zelfs een paar vragen.

Hij kwam klaar door wat ik bij hem deed en hij beloonde me weer met een snoepje. Hij zei wat voor een gevoel dat bij hem teweegbracht en zei dat ik dat ook kon voelen. Ik werd nieuwsgierig en wilde weten wat hij bedoelde. Ik moest gaan liggen en gaan voelen wat hij deed. Ik raakte enorm in paniek toen hij me tussen mijn benen aanraakte en voelde mijn dromen in diggelen gaan, maar hij stopte gelijk. Ik zie dat je dit niet fijn vind, zei hij, ik stop. Ik voelde de enorme verbazing in mij over zijn stoppen en zijn woorden en herstelde me weer snel. Jij moet zeggen wat je wilt oke, maar we gaan wel bereiken dat je hetzelfde voelt als ik, zei hij duidelijk. Het zorgde ervoor dat er bij mij ook een knop omging en ik het ook echt wilde voelen. Ik stond ervoor open, ook al begreep ik niks van wat hij wilde en bedoelde.

Ik moest lekker gaan liggen en kreeg een hele mooie knuffel in mijn handen. Knuffel er maar lekker mee zei hij en voel wat ik doe. Als het teveel word, knuffel je je knuffel extra en dan komt er een heel lekker sterk gevoel en gaat alles tintelen en dan is het je gelukt. Zullen we daarna een ijsje gaan eten. Ik word enthousiast en zeg ja. Zo omkoopbaar dat ik ben.

Hij gaat met zijn mond tussen mijn benen en soms word het teveel. Soms doet het zeer en dat knuffel ik heel erg de beer, maar opeens wordt het zo erg dat ik hem weg wil schoppen en dan houdt hij me in een soort houtgreep totdat het voorbij is. Alles tintelt en ik wil het nog een keer, maar ik voel me schuldig en schaam me voor wat er gebeurd.

Ik krijg een ijsje en we praten weer gezellig, ik vind het een fijne ervaring. Dat hij daarna alsnog seks heeft met me vind ik niet meer zo erg. Hij laat me speciaal voelen en dat wil ik steeds weer.

Als ik weer opgehaald word door Dirk, praten ze even met elkaar en daarna gaan we naar zijn huis. Zo dame, zei Dirk, dus jij hebt gegilt. Ik schut nee, maar Dirk ziet het niet. Hij moet wel lachen, ik begrijp het niet.

De keren erop gebeurd dit ook bij hem en ik ga hem lke keer meer een beetje liever vinden. Als hij een goede bui heeft, laat hij mij  dat speciale gevoel geven en het voelt altijd of ik steeds meer me verbind met hem. Hij is mijn stiekeme vriendje en ik hou van hem.

Eerste keer naar de groep

We rennen door het huis, 4 andere kinderen en ik. We zijn allemaal naakt en de mannen roken en drinken en praten en trekken me soms op schoot. Soms zitten ze tussen mijn  benen met hun handen en dan schrik ik en dan laten ze weer los en ga ik weer verder spelen en vergeet weer even wat er gebeurd. Ik heb het ook naar mijn zin met de andere kinderen, want zo vaak zie ik geen andere kinderen en bij Dirk en Froukje mag spelen nooit, maar nu wel.

De woonkamer is groot en er staan donker bruine meubels. Er staat een grote ronde tafel met houten stoelen en erboven hangt een grote, ouderwets gele lamp. Er hangt een schilderij aan de muur, maar ik weet niet meer wat erop staat. Het boeide me blijkbaar niet. Op de salontafel staan vierkante glazen met een gelige kleur drank en sigaren in een glas. De sigaren intrigeren me altijd en soms ruik ik eraan. Het ruikt lekker.

Twee kinderen spelen achter in de kamer met soort barbies en auto’s en 1 ander kind zit bij iemand op schoot. De mannen, waar Dirk ook bij hoort, zitten in de huiskamer in een soort kring. Sommigen hebben een glas in hun handen. Er wordt druk gepraat en gelachen en soms moeten we naar ze toe komen. Dan roept Dirk me, pakt me op en lacht en praat terwijl hij aan mijn buik of billen zit. Soms doet hij een vinger tussen mijn billen naar binnen en dan lachen de anderen.

Ik wil eigenlijk steeds weglopen, maar ik durf niet. Ik doe braaf wat hij me opdraagt en denk geen moment aan om niet te luisteren.

Als ik weer van zijn schoot af mag, wil ik naar achteren rennen, maar tijdens het rennen word ik gegrepen door een andere man die me ook op schoot trekt. Kijk, voel eens, zegt hij, terwijl hij mijn hand op de bobbel in zijn broek legt. Lekker he, dat is jouw lollie. De anderen lachen weer.

Als ik een tijdje later weer aan het spelen ben, word ik opeens aan mijn haren omhoog getrokken en ik moet meelopen. Ik hoor de mannen lachen.

In de kamer ligt Dirk op een meisje die niet beweegt. Ik schrik ervan dat ik Dirk zo zie doen en dat hij geluiden maakt en dat meisje zo slap hangt en niet meer beweegt. Mijn hoofd raakt op storing en ik kan het niet puzzelen wat er gebeurd. Het lijf beweegt door wat Dirk met haar doet, als een lappenpop waaraan getrokken en geduwd wordt.

Dirk zegt dat hij me gaat leren hoe dingen moeten, maar ik weet niet wat voor dingen hij bedoeld. Ondertussen hoor ik steeds de mannen in de andere ruimte weer lachen, ik hoor een meisje gillen, wat me heel diep van binnen pakt.

Ik zie een camera gestaan gericht op de bank waar Dirk het meisje verkracht. In deze ruimte is het heel koud en de kou komt via mijn voeten van het beton langzaam meer naar boven in mijn lijf. Bij Dirk zie ik dat er karton op de grond ligt en ik wil eigenlijk daar staan, want dat ik minder koud, maar ik durf me natuurlijk niet te bewegen.

Ik ben afgeleid. Dirk zegt, blijf kijken, ik ben je iets aan het leren. Opletten ja. Ik knik. Het meisje heeft nog steeds haar ogen dicht en beweegt niets uit zichzelf. Als Dirk klaar is en van haar afgaat, legt hij haar anders neer. Er staat een soort groot werktuig waar een soort bank aan vastzit en in de lucht hangt een schuin blad. Er hangen touwen aan en het is van hout. Later weet ik dat het een schavot is van vroeger. Een speeltje van Dirk.

Ze wordt op dat geval gelegt en dan krijg ik een touw in me handen en die man zegt goed vast houden. Kijk maar, zegt hij,  en hij doet het touw een beetje los en dan gaat dat schuine blad een beetje naar beneden en maakt een heel erg naar geluid. Hij trekt het weer omhoog en dan geeft hij het in mijn handen. Ik moet het touw vasthouden en als ik het loslaat gaat dat blad naar beneden. Ik kan zien wat er dan gebeurd. Het meisje ligt eronder en dan zal ik haar pijn doen en dat moet niet. Ik ga mijn best doen het goed vast te houden en dan kan ze er straks weer onder vandaan en Dirk pakt dan het touw weer vast en dan is alles opgelost.

De camera is aan en daar sta ik met dat touw. Het meisje ligt stil, ze beweegt niet. Het is zwaar en ik hou het steeds minder goed. Het lijkt wel alsof het touw met de minuut zwaarder is geworden. Ik doe echt m’n best maar het gaat niet meer en ik voel het touw in mijn handen schuren. Ik hou het niet meer het doet zeer. Ik wil het volhouden en ik wil het vasthouden, maar ik kan het gewoon echt niet meer. Het is te zwaar.

Als mijn hande het niet meer redden dan hoor ik dat vreselijke geluid. Het doet zo zeer in mijn oren alsof er messen in gestoken worden. Het gaat niet meer. Ik doe mijn ogen dicht,  maar het is te laat en ik zie het blad door haar heen glijden en het hoofd valt op de grond.

Ik sta als aan de grond genageld en kan niet meer reageren. Ik zie hoe het bloed eruit spuit en ik zie haar hoofd op de grond liggen, mij aankijkend met haar ogen open. De tijd stond stil, niets was er meer in mijn gedachten en geluiden als Dirk die aan kwam lopen, kwamen niet meer binnen.

Dirk komt binnen en de man die er achter na loopt zegt gelijk, zie je nou wat je hebt gedaan, daar zul je voor moeten boeten. Het is jouw schuld dat je dit meisje hebt vermoord. Jouw schuld, hoor je me. Ik zorg ervoor dat je het nooit meer vergeet. Ik hoorde het wel, maar de woorden kwamen niet meer binnen. Ze vlogen langs me heen als een koude bries en niets deed er meer toe. Ik was leeg, kaal, mijn leven was er niet meer. Alles was weggevaagd.

Hij pakt me op en legt me op mijn buik, op het meisje zonder hoofd. Ik lig daar heel lang en het lichaampje wordt kouder en kouder. Ze is koud geworden tegen de tijd dat ik besef dat ze koud is. Ik kom langzaam tot besef en besef ook dat ik honger heb, moet plassen en heel erge dorst. Ik hoor de mannen in de andere kamer nog lachen en de sigarenrrook komt opeens als een harde klap weer binnen. Alles vanbinnen slaat op storing en ik krijg een grote error in mijn brain en kan niet meer nadenken, alleen dat dit mijn schuld is. Ik heb een meisje vermoord en het is mijn schuld. Ik voel me zo slecht.

Ik zie de randen van waar haar hoofd haar romp heeft verlaten en het bloed loopt nog steeds uit haar nek. Het bloed ligt overal, het is een enorme chaos van bloed. Het hoofd ligt op de grond en kijkt me aan.Het is zo vies en eng dit is mijn schuld. Hier moet ik voor boeten, dat is wat ik alleen maar denk.

Ik lig hier heel lang en vele gedachten gaan door me heen, terwijl ik daar lig. Ik heb het zo koud en ik word zo moe en na een hele tijd tegen mijn moeheid te vechten, val ik opeens op de grond. Dat deed zeer, ik was in slaap gevallen. Ik ben precies naast haar hoofd gevallen en kijk zo in haar gezicht. Ik lig stil en kijk, weer volledig uit.  Dirk  komt binnen en trek me aan me haren en zegt jij bent afval jij gaat mee ik gooi je weg.

Nee Dirk, ik zal lief zijn, ik ga niks meer fout doen, zeg ik hem. Maar het komt niet uit de grond van mijn hart, het komt als een automatisme, want ik voel er niets bij. Mijn lijf doet volledig zeer. Het is stijf geworden van de kou en van in 1 houding liggen en ik ben vies van het bloed waarin ik viel toen ik op de grond viel.

Ik word meegenomen naar de achterdeur en met de tuinslang schoongespoten. Het water is ijskoud en doet vreselijk zeer. Toch komt het maar amper binnen en voel ik me een soort van stoned. Mijn leven is aan me voorbijgegaan en ik leef niet meer en toch ben ik hier. Ik krijg een kop warme thee in de keuken en na een tijdje moet ik mee in de auto van Dirk.

We rijden niet zo heel erg ver en na een tijdje komen we aan op een parkeerplaats en moeten snel naar binnen via de achteringang van een gebouw. Het is een soort kerkgebouw met hoge ramen en er zijn heel erg veel mensen aanwezig.

Ze gaan een soort van zingen en weten allemaal wat ze wanneer moeten zeggen. Ik ben overwelmd door het hele gebeuren en zie zoveel. Van de gekleurde ramen tot aan mensen in gekke pakken en dingen aan de muur. Kaarsen die flikkeren en een vrouw die huilt. Ik weet niet goed waar ik wanneer moet kijken.

Een vrouw krijst heel hard en is opeens stil. Ik kon niet goed zien wat er gebeurde, ik stond dicht tegen Dirk aan en hij hield me af en toe te stevig vast dat zijn soort jas me ogen bedekte.

Als iedereen bezig is weg te gaan komt de man die steeds voorin stond naar mij en Dirk toe. Ik ga jou nog even iets leren, zegt hij. Hij laat zien aan Dirk dat we mee moeten lopen naar voren en daar zie ik een vrouw liggen waarvan haar buik openligt. Ik zie ingewanden en heel veel bloed en verbaas me erover dat het er net zo uit ziet als bij konijnen, maar dan veel groter en er zit meer in. Ik zie veel meer dan wat er bij konijnen te zien is. Ik ben best geïnteresseerd, maar ik hou me stil. Ik moet stil zijn en niks zeggen, anders wordt Dirk boos.

Opeens voel ik een hand mijn haren en mijn hoofd vastpakken en hij duwt mijn hoofd bijna in de buik van de vrouw. Mooi he, zegt hij, terwijl ik daar met mijn neus boven hang.

Mijn neus raakt iets en wordt vies. Hij laat me weer los en ik kom weer omhoog. Ik moet mijn jurk en broek uitdoen en met mijn buik op de buik van die vrouw gaan liggen. Alles beweegt onder mijn buik en ik vind het vies en wil eraf, maar het mag niet. Dirk kijkt me streng aan, het is tijd om te luisteren, dat is duidelijk.

Terwijl ik probeer er niet af te vallen is Dirk woorden aan het zeggen en voel ik bewegingen op mijn rug. De man die erbij is zegt tegen mij, luister meissie, je heet nu Sabrina. Dirk is je baas en je papa vanaf nu. Naar hem luister je. Je doet wat hij je zegt, altijd en overal. Luister je niet naar je baas, dan komt hij je halen en gebeurt er wat we je nu gaan laten zien. Maar eerst zeg je me na.

Ik moest de woorden nazeggen: Dirk is mijn baas en hij heerst over mijn ziel, geest en lichaam. Ik ben van hem. Ik nodig hem uit om in mij te komen en mij te nemen als zijn bezit als ik niet doe wat Dirk wil mag hij in mijn lichaam komen en mij straffen, want wat ik schrijf en zeg en doe, zijn alleen dingen die hij wil en anders niet. Dit blijft voor altijd bestaan in de naam van de eeuwige heerser.

Hierna zei ik een woord die ik niet ga zeggen. Gelijk toen ik dat woord zei, werd ik duizelig en alles ging draaien. Opeens kwam er iets in mijn billen en bewoog zich door naar mijn buik. Het deed zeer. Ik zei dat ik altijd lief ging zijn en ga luisteren en toen was het weg.

Dirk zei dat ik braaf was en bracht me terug naar huis. De eerste opdracht was dat er nergens over gepraat werd wat er was gebeurd, ik had alleen met poppen gespeeld en lekker gegeten. Ik mocht zelf verzinnen wat. Als ik hier toch iets van ging delen, kwam de politie me halen en moest ik voor altijd in de gevangenis, want ik had het kindje doodgemaakt.